Cart 0
Kompas_Patrick-van-der-wal_gevangen-in-gevoel-Voorkant 3d

Gevangen in gevoel

Politieagent, oud-militair, veteraan én hoogsensitief (HSP). Op de vlucht voor zijn emoties maakte Patrick van der Wal een heftige tijd door in de oorlogsgebieden in Bosnië en Afghanistan. Hij weet nu: openheid over ervaringen en gevoelens geeft de kracht om overeind te blijven in extreme situaties.

Patrick van der Wal

Gevangen in gevoel

‘Indrukwekkend, een ander woord past niet bij dit boek. Door die persoonlijke zoektocht met de pieken en dalen zo indringend te beschrijven, zal Patrick de lezers zeker helpen om anderen, maar ook zichzelf beter te begrijpen.’ – Uit het slotwoord van dit boek door generaal b.d. Peter van Uhm, oud-commandant der Strijdkrachten.

Praten over en vertrouwen op gevoel is voor veel mensen en voor de meeste van mijn collega’s nog altijd een taboe. Het maakt immers kwetsbaar, zeker in de hardere beroepen zoals politie en defensie waarin ik inmiddels zo’n 30 jaar werkzaam ben. Openheid over ervaringen en gevoelens brengt echter veel positiviteit en energie. En geeft de kracht om overeind te blijven in extreme situaties en om gebeurtenissen op een gezonde manier te verwerken. Zodat je beter functioneert: als mens en als collega.

Gevangen in gevoel neemt je mee in mijn onbewuste, persoonlijke, innerlijke strijd, ervaringen en dilemma’s. Naar oorlogsgebieden thuis en in verre landen, in mij en om mij heen.

Patrick van der Wal

Foto 28

Patrick van der Wal is politieagent, oud-militair, veteraan en gevoelscoach. Zijn leven bestaat uit twee werelden: de dagelijkse realiteit van zijn werk als politieagent en zijn privéleven als vader en partner. En er is een derde, verborgen wereld: die met de steeds terugkerende kwellende nachtmerries. Nachtmerries die hij in oorlogsgebied onbewust dacht te kunnen ontlopen.

Boekfragment

Op een najaarsavond, eind 1994, besloot ik mijn dienstwapen mee naar huis te nemen. Thuis liep ik direct naar mijn slaapkamer op zolder. Ik gooide mijn tas, waar mijn dienstpistool in zat, naast het bed en plofte als een zak aardappelen op het waterbed. Het waterbed waar zij ooit naast mij had gelegen en nooit meer zou liggen. Ze lag nu naast een ander. Wezenloos staarde ik naar de zalmroze muren. De kleur was een idee van Ghislaine. Hoewel ik de kleur verschrikkelijk vond had ik er toch mee ingestemd.

Voorovergebogen staarde ik een paar minuten naar de tas. Ik pakte mijn koppel uit mijn tas en haalde de ongeladen Glock uit het holster. Een prachtig wapen. Weinig onderhoud nodig, dat was prettig. Ik staarde naar het wapen en dacht aan de zware tijd in mijn opleiding. De onrechtvaardigheid. De luitenant ‘Alfa Lima’ met zijn arrogante hoofd en de rode vlekken in zijn nek. En natuurlijk aan de ‘veroorzaker’ van mijn miserabele gevoel, Ghislaine. Ik had niet beseft wat ze voor mij betekende. Mijn Ghislaine!

Godverdomme waarom, Ghislaine!?

Radeloos en machteloos zat ik mijn verdriet weg te slikken. In mijn rechterhand had ik mijn dienstwapen. Mocht ik mijn ouders en broertje dit verdriet aandoen?

Ik trok de slede van het pistool naar achteren en deed een 9-millimeter volmantelpatroon in de kamer. Een volmantelpatroon, ook wel oorlogsmunitie genoemd, heeft een loden kogelpunt. Als je die afvuurt op het menselijk lichaam veroorzaakt dit zogenaamde inschot een klein gaatje in het lichaam. Dit is afhankelijk van wat het raakt op zijn vernietigende pad in het lijf. De loden punt deformeert als het een bot raakt. Een ricochet kan het gevolg zijn, waardoor de baan en ook de vorm van de kogel veranderen. Het uitschot, dus waar de kogel het lichaam verlaat, kan hierdoor veel bot- en weefselschade veroorzaken.

Ik had een lege patroonhouder in de Glock geplaatst om te voorkomen dat de patroon uit het wapen kon vallen. Ik liet de slede los. De slede begeleidde de patroon in de kamer aan de achterzijde van de loop. Het pistool was nu geladen en klaar om één schot af te geven. Russische roulette, maar met een gegarandeerd schot als ik de trekker zou overhalen. Eindelijk verlossing? Het enige wat ik nu hoefde te doen was de trekker overhalen.

Ik zette de loop van het pistool tegen de zijkant van mijn hoofd en drukte het krachtig tegen mijn rechterslaap. Mijn handen waren nat van het zweet.

Ik stond voor een hels dilemma. Ik was klaar met mijzelf en voelde mij niet meer dan een stuk stront. De geestelijke pijn, niemand die mij begreep. Sommigen vonden mij een aansteller. Als ik het niet zou doen zou de psychische pijn voortduren. Mijn rechterwijsvinger trok de trekker voorzichtig millimeter voor millimeter naar achteren. De trekker stond op spanning en speling was er niet meer. Nog een enkele millimeter en het was gebeurd.

‘Iets’ in mij zei dat ik hier doorheen moest en dat ik niet klaar was in dit leven. Nog even hield ik de trekker op spanning. Met een intens gevoel van machteloosheid, de tranen rollend over mijn wangen, ontspande ik mijn vinger aan de trekker en haalde het wapen van mijn slaap. Met tegenzin ontlaadde ik het.

Ik walgde van mijzelf.